|
Alleen in wetenschappelijke publicaties of in publicaties die die pretentie hebben, worden de soortamen met een hoofdletter geschreven. Dit komt voort uit de behoefte de organismen die onderwerp van onderzoek zijn duidelijk te identificeren. In dit opzicht zou het consequenter zijn om telkens de latijnse naam te noemen, maar dat leest niet prettig.
Overigens zou in het voorbeeld dat je noemt "kiekendief" met een kleine letter geschreven moeten worden, want het is geen soortnaam maar een familienaam.
Hieronder voeg ik een lezenswaardig stukje toe van de site van Walter van Spaendonk (http://home.scarlet.be/~be038031/Voglnam0.htm)
Er staat niets in de spraakkunst waardoor we vogelnamen met hoofdletters moeten of mogen schrijven. Het is nochtans sinds decennia gebruikelijk, ook in de ons omringende talen.
We hebben bij verscheidene deskundigen taaladvies gevraagd en ook enkele interessante richtlijnen gekregen. We kunnen dit resumeren als volgt. Blijf gerust hoofdletters schrijven voor namen van dieren en planten, maar doe het dan wel correct. Namen bestaande uit twee woorden worden met twee hoofdletters geschreven, bijvoorbeeld Groene Specht, Bruine Kikker en Wilde Reseda.
Gezien de Taalunie in hun publicatie vooral verwijst naar het Genootschap Onze taal en naar Jan Renkema (1995) en zijn Schrijfwijzer, denk ik dat we over zeer representatieve adviezen beschikken. We hebben namelijk een uitgebreide briefwisseling gevoerd met Roos de Bruyn van het Genootschap Onze Taal (1999). We willen haar via deze weg danken voor haar verhelderende bijdrage. Ze schrijft letterlijk: "We zijn het overigens met u eens dat wie een voorkeur heeft voor hoofdletters bij vogelnamen, het best elk onderdeel van de naam een hoofdletter kan geven (Grote Bonte Specht)." Jan Renkema in zijn boek Schrijfwijzer gaat nog iets verder: "Met de regels in de volgende paragrafen zijn niet alle gevallen behandeld. Er is geen aparte regel opgenomen voor flora en fauna. Maar uit de algemene regels kan men gemakkelijk afleiden dat het Roodbonte Heidevlindertje over het Gerimpeld Gaffeltandmos vliegt." Hieruit zouden we kunnen afleiden dat we voor dieren en planten overal hoofdletters dienen te gebruiken. Dit is geenszins de bedoeling. Het is alleen verantwoord in publicaties waarin ze een toegevoegde waarde hebben, dus in wetenschappelijke en semi-wetenschappelijke teksten. Alle Wielewaal-tijdschriften vallen daaronder. Het gebruik van hoofdletters moet dan wel consequent doorgezet worden in de gehele publicatie. De zuiver ornithologische werken hebben hiermee geen moeite, in grote lijnen loopt alles volgens deze regels. Plantenliefhebbers hebben echter de onverklaarbare gewoonte om alleen het eerste woord van een plantennaam met een hoofdletter te schrijven, zo zien we Wilde reseda Reseda lutea en Gelderse roos Viburnum opulus.
Eventuele analogie met de wetenschappelijke naam gaat niet op. Dan zouden we het genus met een hoofdletter moeten schrijven, dus zwarte Kraai Corvus corone en grote Muur Stellaria holostea. Dit zou te gek zijn. Als we even bij de buren kijken, zien we dat de Engelsen het doen zoals wij het horen te doen, namelijk Lesser Spotted Woodpecker Dendrocopus minor. Bij de Duitsers stelt zich het probleem in veel mindere mate, omdat zij Brachvogel sowieso met een hoofdletter schrijven. Door Großer Brachvogel Numenius arquata, onze gewone Wulp, met twee hoofdletters te schrijven passen ze de regel toe. De Fransen zitten met een heel hybride situatie opgescheept. Ze passen, soi-disant, de regel van de wetenschappelijke namen toe. Maar ze schrijven toch Grand Cormoran Phalacrocorax carbo en Petit Gravelot Charadrius dubius. Als we in een tekst Pluvier argenté Pluvialis squatarola en Grand Gravelot Charadrius hiaticula naast mekaar zien staan, geeft dat niet bepaald een gevoel van logica en nog minder van homogeniteit.
Van digrafen, dit zijn tekens die samengesteld zijn uit twee lettertekens, wordt alleen het eerste letterteken met een hoofdletter geschreven. De "ij" vormt hierop een uitzondering, hiervan worden beide lettertekens met een hoofdletter geschreven. We schrijven dus Auerhoen Tetrao urogallus, Oeverloper Actitis hypoleucos, Eidereend Somateria mollissima, maar IJsvogel Alcedo atthis.
Opgelet. Groepsnamen beginnen met een kleine letter. We schrijven dus kiekendief, plevier en karekiet, maar ook wulp als we het hebben over de vogels van het geslacht Numenius en niet specifiek over de gewone Wulp Numenius arquata.
|